Verhalen (2024)


De Dichter


Vroman als dichter

In de oorlogsjaren verschenen twee gedichten van zijn hand in het baldadige en surrealistische tijdschrift De Schone Zakdoek. Vroman debuteerde in 1946 met de bundel Gedichten. Hiervoor had hij in diverse tijdschriften gedichten gepubliceerd. Veel van zijn werk werd door hem geïllustreerd.

Zijn gedichten bleef hij voornamelijk in het Nederlands publiceren. In sommige gedichten schoot hij heen en weer tussen het Nederlands en het Engels. Vroman gebruikte in zijn werk ook door hem verzonnen woorden, als ‘pootjesdier’, ‘peinskasje’ en ‘hersenkistje’.

Criticus Kees Fens noemde Vroman ooit ‘de vlakbijste dichter’ van Nederland. Vromans gedichten zijn levendig en herkenbaar, al sinds zijn debuut in 1946. Hij behoort tot geen enkele stroming binnen de literatuur, maar heeft een speelse, grillige, soms surrealistische stijl.[bron?]

De in Verhalen gebruikte strofen vormen het welbekende slot van het het gedicht “Vrede”:

kom vanavond met verhalen

hoe de oorlog is verdwenen

en herhaal ze honderd malen:

alle malen zal ik wenen.

Muzikale uitgangspunten

Het stuk is gebaseerd op uitgebreide variaties op de verminderde drieklank, zoals hier in de opening op b-d-f-as.

Een heftigheid, die (het einde van) de oorlog weerspiegelt.

Dit herhaalt zich ook in de stem van de bariton.

In de afsluitende tekst komen alle motieven samen.


2024-05-08